nieuws
Directeurschap Wies Smals
26 Jan 2017

Wies Smals, die tot 1969 bibliothecaris was bij het Stedelijk Museum Amsterdam en daarna galeriehouder van de multiple- en grafiekgalerie Seriaal van 1968 tot 1975, richtte in 1975 stichting De Appel op als reactie op een gebrek aan podia om actuele kunstvormen als performance, video en conceptuele kunst te kunnen tonen. Deze time-based kunstvormen zonder direct verkoopbaar object, vroegen om een andere betrokkenheid en om een andere manier van presenteren. 

Bij De Appel, vernoemd naar het gelijknamige pakhuis aan de Brouwersgracht 196, gaf Wies Smals kunstenaars carte blanche om hun projecten te realiseren. Kunstenaars als Ben d’Armagnac, Gerrit Dekker, Marina Abramović, Ulay, Bruce Nauman, James Lee Byars en Joan Jonas toonden er in de vroege stadia van hun kunstenaarschap hun werk. Daarnaast initieerde De Appel tijdens het directoraat van Smals het kunstenaarshonorarium, wat een belangrijke stap was voor de ontwikkeling en erkenning van performance kunst. 

De Appel werd in deze periode gekenmerkt door haar experimentele en grensverleggende programmering. Onder leiding van Smals, werd De Appel een van de belangrijkste plekken in Nederland (en Europa), waar ruimte werd geboden aan opkomende (immateriële) post-minimalistische kunstvormen. Kunstenaars en tentoonstellingsmakers reisden van verre om zich hier te oriënteren op de nieuwe kunstvormen. De geschiedenis van De Appel is tegenwoordig vooral bekend om deze experimentele periode waar performancekunst, bodyart en vroege videokunst werd ontwikkeld en getoond.

Smals had een open en soepele houding ten opzichte van de identiteit van De Appel. Ze was wars van het idee van institutionaliseren. Vanaf het moment van oprichten, reflecteerde ze constant op de vraag wat kunst nodig had en wat een kunstruimte als De Appel kon betekenen. Hierdoor was De Appel onder haar leiding continue in beweging. Rond 1980 besloot Smals een nieuwe weg in te slaan en werden er vooral (media)projecten op locatie gerealiseerd. Zo profileerde De Appel zich o.a. als filmproducent en produceerde het films van General Idea en Barbara Bloom. In deze periode ontwikkelde De Appel zich steeds meer in de richting van een projectbureau of impresariaat. 

Helaas kwam er door haar tragisch overlijden, abrupt een einde aan haar directoraat bij De Appel. Samen met Gerhard von Graevenitz (bestuurslid van De Appel en Smals’ partner), hun kindje Hendrik, mededirecteur Josine Droffelaar en haar vriend Martin Barkhuis overleed Smals op 20 augustus 1983 als gevolg van een vliegtuigongeluk in de Zwitserse bergen. Door hun plotselinge overlijden, bleef het lange tijd onduidelijk wat er met De Appel moest gebeuren. De vraag was of De Appel nog wel voort kon bestaan zonder Smals en Droffelaar. Er werd besloten om door te gaan en het uitgangspunt van De Appel, ‘het signaleren en tonen van actuele ontwikkelingen in de hedendaagse kunst’, in stand te houden. Dit werd en blijft tot vandaag de belangrijkste doelstelling van De Appel.

Tekst: Debbie Broekers