Deze maand interviewt de Appel Krist Gruijthuijsen, directeur van Grazer Kunstverein en co-auteur van de publicatie The Encyclopedia of Fictional Artists and The Addition, over zijn motieven voor het schirijven van dit boek.
Krist Gruijthuijsen: auteur en directeur Grazer Kunstverein
Publicatie: The Encyclopedia of Fictional Artists + The Addition
Kun je beschrijven waar deze publicatie over gaat?
Deze titel bestaat uit twee volumes.
Het eerste deel The Encyclopedia of Fictional Artists is ontwikkeld door Koen Brams, oorspronkelijk al in 2000. Het betreft een overzicht van biografieën van meer dan 280 fictieve kunstenaars die zijn voorgekomen in de wereldliteratuur vanaf 1605 tot aan nu, met karakters als Frenhoger (Honoré de Balzac), Elstir (Marcel Proust) en Basil Hallward (Oscar Wilde). Koen heeft 10 jaar aan dit boek gewerkt samen met 48 vrienden en collega’s.
Het tweede boek, The Addition, is ontwikkeld door mijzelf en bestaat uit bijdragen van ongeveer 25 verschillende (hedendaagse) kunstenaars waarin zij het fenomeen fictie onderzoeken. Een ieder van hen vervult een afzonderlijk deel in dit onderzoek, bijvoorbeeld door de constructie van taal met betrekking tot fictie te onderzoeken.
Hoe is The Encyclopedia of Fictional Artists tot stand gekomen?
Koen wilde door middel van dit boek de kunstgeschiedenis vanaf de 17e eeuw tot aan nu herschrijven in een alternatieve vorm. Aangezien de kunstenaars zijn verzonnen door ’s werelds meest invloedrijke schrijvers hebben deze karakters ook invloed gehad op bestaande kunstenaars en onze notie van kunst zelf.
Fictie wordt hiermee dus een onderdeel van realiteit. Op een bepaalde manier zijn hier wel paralellen in te vinden met de gewone kunstgeschiedschrijving, want kunst ademt ook fictie. Wat is immers realiteit als men over kunst praat?
Waarom heb je het tweede deel ontwikkeld?
Ik speelde met de gedachte om een andere draai aan het boek te geven. Het originele boek van Koen Brams is vooral in een literaire context geschreven, door middel van editing heeft hij alle verhalen bij elkaar gebracht. Ik wilde een brug slaan naar de beeldende kunst als een richtlijn voor inspiratie. Het tweede boek is daardoor meer een conceptueel werk geworden die helemaal naar de beeldende kunst toe is getrokken. De constante vraag hierin is: hoe kijkt een beeldende kunstenaar tegen fictie aan?
Het tweede volume is van het begin tot het eind narratief. Maar het zijn ook elk op zichzelf staande vraagstukken. Samen bieden ze een totaliteit wat stof geeft tot nadenken geeft over wat men fictie vindt. Het is een mix tussen bestaande en niet-bestaande namen. Daarmee worden deze bijdragen ook meer kunstwerken in printvorm.
Meer weten:
The Encyclopedia of Fictional Artists and The Addition zijn samen gebundeld en nu met 25% korting beschikbaar in onze online booksale.


